Gemeenteraad aan zet bij schuldhulp
04-03 2010 | 10:15 | Door: Nadja Jungmann
De gemeenteraad moet een plan vaststellen dat richting geeft aan de integrale schuldhulpverlening. Een uitdagende taak voor de nieuwe raden.
VISIE
De Tweede Kamer heeft deze week besloten dat het wetsvoorstel gemeentelijke schuldhulpverlening niet controversieel is en dat zij dus doorgaat met de parlementaire behandeling. In de praktijk zal de aanloop naar de verkiezingen wellicht wel tot enige vertraging leiden, maar gezien het politieke draagvlak dat er is, ligt invoering in de loop van dit jaar zeker in de verwachting. Voor beleidsmedewerkers schuldhulpverlening en andere beleidsverantwoordelijken betekent dit dat het zinvol is om de komende tijd werk te maken van het opstellen van het beleidsplan dat de wet als verplichting voorschrijft. Om precies te zijn is in het wetsvoorstel opgenomen dat de gemeenteraad een plan vaststelt dat richting geeft aan de integrale schuldhulpverlening in de eigen gemeente.
In dat plan moet de gemeente uitwerken wat de doelstellingen zijn die de gemeente nastreeft, hoe de uitvoering van de integrale schuldhulpverlening is georganiseerd, wat de beoogde resultaten zijn, hoe de kwaliteit van de uitvoering wordt geborgd, welke inzet er wordt gepleegd op preventie en hoe de gemeente er voor zorgt dat (enig) maatwerk mogelijk is.
RAADSAGENDA
Het gegeven dat de gemeenteraad het plan moet vaststellen, betekent dat schuldhulpverlening voortaan minimaal een keer per jaar op de agenda van de raad komt te staan. Door op te nemen dat de gemeente in het plan niet alleen uitwerkt wat de doelstellingen zijn, maar ook welke resultaten zij wil realiseren, probeert het ministerie de gemeenteraad (meer) in positie te brengen dat zij gaat sturen op de geboekte resultaten. Van de beleidsmedewerkers en anderen die betrokken zijn bij het opstellen van het beleidsplan vraagt dit aandacht voor de manier waarop zij de verschillende onderdelen van het plan uitwerken.
Een veel gebruikte manier om een plan als dit uit te werken is dat er wordt bepaald wat de doelstellingen zijn en dat aan de hand daarvan wordt bepaald welke resultaten daarbij horen. Of het doel ‘vergroten financiële zelfredzaamheid' wordt bereikt, wordt dan afgemeten aan de vraag of er een vastgesteld aantal schuldenaren een budgetcursus hebben gevolgd. Op deze plek wil ik iedereen die met het gemeentelijk plan aan de slag gaat uitnodigen om de uitwerking om te draaien.
Begin met de vraag welke effecten de gemeente wil bereiken met de uitvoering van schuldhulpverlening. In het wetsvoorstel zet het ministerie de schuldhulpverlening nadrukkelijk neer als dienstverlening die moet bijdragen aan participatie. Vanuit dit beoogd effect is de vervolgvraag dan aan welke resultaten is af te lezen dat de schuldhulpverlening bijdraagt aan participatie? In dit geval is dat bijvoorbeeld dat schulden geen reden zijn om niet deel te nemen aan het maatschappelijke leven, te werken of onderwijs te volgen.
En de vervolgvraag die hier op volgt luidt dan: welke ondersteuning hebben mensen met schulden nodig om te kunnen participeren en hoe ziet het werkproces er uit op basis waarvan je die ondersteuning aanbiedt? Veel schuldhulpverleners zullen op deze vraag als antwoord geven dat de ondersteuning er in de eerste plaats toe moet leiden dat mensen geen stress meer hebben van de vele deurwaarders, incassobureaus en anderen die brieven sturen en aanbellen. Daarnaast zullen zij antwoorden dat de ondersteuning er ook toe moet leiden dat mensen (met begeleiding) hun financiën op orde krijgen en houden en geen nieuwe schulden maken. Het oplossen van de schulden door middel van een schuldsanering of bemiddeling levert in deze context het meeste rendement op. Maar als dat om welke reden dan ook niet mogelijk blijkt (niet-saneerbare CJIB-boetes, een nog niet uitgesproken scheiding etc.), dan vraagt de hierboven opgezette redenering om een alternatief aanbod.
Dat leidt weliswaar niet tot een schuldenvrije toekomst op afzienbare termijn, maar wel tot mogelijkheden om de rust en competenties in een schuldsituatie aan te brengen die de voorwaarde zijn voor participatie.
HANTEERBARE SCHULDEN
Een groeiend aantal gemeenten is op dit moment de doelstelling van hun beleid aan het bijstellen van ‘iedereen schuldenvrij' naar ‘hanteerbare schulden'. Naast een invulling van participatie als beoogd effect biedt het ook mogelijkheden om de efficiency te vergroten (meer mensen helpen voor een gelijk budget). Je stopt door deze koerswijziging immers met de poging(en) om voor mensen voor wie een schuldsanering of bemiddeling te hoog gegrepen is dat toch te proberen en biedt daarvoor in de plaats ondersteuning die wel aansluit op hun mogelijkheden.
Naast een verschuiving in het doel van je hulpverlening leidt het redeneren van het beoogde effect via de te bereiken resultaten naar het productenaanbod en daarop aansluitend efficiënt werkproces, zal deze manier van redeneren waarschijnlijk tot nog meer verschuivingen leiden. Door participatie als beoogd effect centraal te stellen, wordt het logisch(er) om de uitvoering van de schuldhulpverlening nadrukkelijk (ook) in of tegen het domein van de Wmo aan te plaatsen, andere keuzes te maken ten aanzien van de uitvoering (zelf doen of uitbesteden), de inzet op preventie en minstens zo belangrijk de manier waarop je als gemeente ‘de uitvoering afstemt op de situatie van de verzoeker' zoals het ministerie het in het wetsvoorstel heeft geformuleerd.
Gisteren waren de verkiezingen. In veel gemeenten zijn er grote verschuivingen opgetreden en het ligt in de lijn der verwachtingen dat het sociaal domein te maken krijgt met flinke bezuinigingen. Daarnaast is er geen uitzicht op extra middelen van het rijk als de incidentele gelden voor schuldhulpverlening in 2012 allemaal verdeeld zijn. Voor de nabije toekomst betekent dit dat we ons moeten gaan voorbereiden op de opgave om meer mensen met gelijke of minder middelen te helpen.
Door terug te redeneren vanuit beoogd effect naar resultaat en gezien de beschikbare middelen het daarbij passende aanbod, dagen we onszelf uit om niet te gaan kaasschaven of bepaalde activiteiten te staken, maar om de bezuinigingsopgave te combineren met een inhoudelijke herijking van het schuldhulpverleningsbeleid waar in ieder geval de grote groep schuldenaren die nu (bij herhaling) uitvalt een stuk beter van zal worden!
Bent u ondernemer of ex-ondernemer met problematische schulden? Neemt u dan zo spoedig mogelijk (telefonisch) contact met ons op of vul nu het online formulier in.